Nieuws

Het netwerk Kunstmestloos boeren op veen gaat lobbyen om de dunne mestfractie, net als mestconcentraat, aan te merken als kunstmest. Dan zijn boeren niet meer afhankelijk van de kunstmestmarkt.

Positief mestbalans

Dat geeft Jeroen van Dorp aan, die voor zijn stage aan de AHS een onderzoek doet voor dit netwerk. De dunne fractie wordt uit de drijfmest gehaald met behulp van een mestscheider. "Wanneer het als kunstmest te boek zou staan, heeft dat een positieve invloed op de mestbalans op melkveebedrijven; er hoeft dan minder dierlijke mest afgevoerd, en minder kunstmest aangevoerd te worden."
Het netwerk rekent deze zomer verder om te kijken welke invloed mestscheiden op de bedrijfsresultaten heeft.

Goede resultaten

De proefvelden van het netwerk laten goede resultaten zien met de 'bewerkte' mest. Ze vergeleken de opbrengst van percelen die zijn bemest met ‘gewone' drijfmest, KAS, mineralenconcentraat (Fertraat van KUMAC) en een dunne drijfmestfactie.
Ondanks de vergelijkbare hoeveelheden voedingsstoffen bleek het perceel met alleen drijfmest achter te blijven in groei. "Verschillen tussen met kunstmest, mestconcentraat en met dunne fractie bemestte percelen was op het oog niet te zien. Het doel om kunstmest te vervangen lijkt redelijk geslaagd", aldus Jeroen die aangeeft dat het netwerk de strategie voor de verschillende proefpercelen zal vasthouden dit jaar.

Betrouwbare balans

In het najaar zal het netwerk een meer betrouwbare definitieve balans opmaken van de opbrengsten van het gras bij de verschillende typen bemestingen. En daarna hopen ze in het voorjaar van 2011 de proef nog eens te kunnen herhalen. "Het gaat om de totale bemestingsstrategie: wanneer en bij welke snede wil je nog wel kunstmest toepassen", omschrijft hij de vervolgvraag.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.