Nieuws

Hogere pensbestendigheid gerst door pletten

Onderzoek van het Centraal Veevoeder Bureau (CVB) naar de verteerbaarheidskenmerken van een aantal bewerkte granen toont aan dat het pletten in plaats van malen van gerst leidt tot een hogere pensbestendigheid van het zetmeel. Dit geldt niet voor tarwe. Dit bevestigt de keus van sommige melkveehouders die geplette gerst bijvoeren om de kans op pensverzuring te verkleinen. Tot 30 maart kan men reageren op de nieuwe voederwaardevoorstellen.

Nieuwe en aangepaste voederwaarden

Tot op heden is er voor herkauwers alleen een eiwitwaardering voor gemalen granen. Maar omdat het de kans op pensverzuring zou verminderen, gebruiken veehouders ook geplette granen, zoals geplette tarwe en gerst. Op basis van nylon zakjes- en literatuuronderzoek komt het CVB nu met een voorstel voor de eiwitwaardering van geplette tarwe en gerst en tarwevlokken. Hoewel voor de gemalen voedermiddelen mais, ontsloten mais, tarwe, gerst, triticale en rogge al een eiwitwaardering bestond, zijn de nieuwe onderzoekresultaten voor het CVB tevens aanleiding om ook voor deze voedermiddelen een aangepaste eiwitwaardering voor te stellen.

Hogere pensbestendigheid

Uit het onderzoek blijkt dat zowel het pletten als het hittebehandelen (voor ontsloten mais en tarwevlokken) leiden tot een hogere pensbestendigheid van het eiwit. Verder blijkt dat het pletten in plaats van malen wel resulteert in een verhoogde pensbestendigheid van zetmeel voor gerst, maar niet voor tarwe.

Reageren kan tot 30 maart

De aanpassingen zijn in te zien op de CVB-website onder de tab ‘Voorgenomen wijzigingen’. Inhoudelijke reacties op deze voorstellen kunt u tot 30 maart 2017 sturen naar Wouter Spek. De reacties worden beoordeeld en indien relevant verwerkt in de definitieve aanpassingen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.