Nieuws

Scharrelvleeskuikens kunnen een lagere klimaatimpact hebben dan reguliere vleeskuikens. De meeste reductie voor alle systemen is te halen in het voer van de vleeskuikens.

Het gebruik van alternatieve grondstoffen biedt kansen om het klimaateffect van alle soorten vleeskuikens te reduceren. Dat meldt Wageningen Livestock Research op basis van onderzoek in het kader van het project Greenwell.

LCA

Wageningen Livestock Research voerde een grondige levenscyclusanalyse (LCA) uit, waarin drie vormen van vleeskuikenhouderij in Nederland met elkaar zijn vergeleken: het regulier gehouden vleeskuiken, het tussensegment (zoals de Nieuwe AH-kip of de Nieuwe Standaard Kip van Jumbo) en het Beter Leven 1* vleeskuiken (scharrelkuiken).

In deze analyse werd een groot deel van de vleeskuikenketen betrokken, vanaf de opfok van de ouderdieren tot en met het vleeskuikenbedrijf.

Verrassende uitkomsten

De analyse keek onder meer naar het landgebruik en de uitstoot van broeikasgassen (carbon footprint, uitgedrukt in CO2-eq) die gepaard gaan met de productie van vleeskuikens.

De uitkomst van de carbon footprint was verrassend: een kilo scharrelkuiken kan leiden tot een 3% lagere uitstoot van CO2-eq per kilogram levend gewicht (LW), nl. 3,55 kg, dan het reguliere snelgroeiende kuiken (3,65 kg CO2-eq/kg LW) en het tussensegment (3,98 kg CO2-eq/kg LW).

Dit staat haaks op de algemene opvatting in de sector, omdat zowel een scharrelkuiken als een kuiken in het tussensegment wel degelijk meer voer nodig heeft dan een regulier kuiken. Daarmee is het landgebruik hoger.

Beter welzijn, meer grond nodig

Scharrelkuikens die worden geproduceerd volgens het Beter Leven keurmerk 1 ster hebben een beter welzijn. Wel hebben ze meer voer nodig omdat ze langzamer en minder efficiënt groeien in vergelijking met reguliere kuikens. Om dat voer te produceren is meer landbouwgrond nodig.

Tegelijk krijgen scharrelkuikens in de huidige praktijk minder soja in het voer dan reguliere kuikens. De productie van soja leidt nog vaak tot ontbossing (met name in Zuid-Amerika), waardoor de klimaatimpact van zo’n scharrelkuiken toch 3% lager is dan een regulier, snelgroeiend kuiken.

Zonder het effect van ontbossing is het reguliere kuiken juist 23% klimaatvriendelijker. Grondstofkeuze kan dus de klimaatimpact van alle typen vleeskuikens sterk verminderen.

Grondstoffen en landgebruik

De grootste bijdrage aan de totale emissie komt voort uit de teelt en productie van grondstoffen. Als daarmee verandering van landgebruik gepaard gaat leidt dat op zichzelf al tot meer dan helft van de totale emissie. Soja is een belangrijk onderdeel van het voer voor vleeskuikens. De herkomst van die soja heeft grote invloed op de emissies die voortkomen uit verandering van landgebruik.

Voergebruik en klimaateffecten

In het voer van scharrelkuikens zit op dit moment echter minder eiwit en dus minder soja dan in het voer van reguliere kuikens of die in het tussensegment. Zowel de tragere groei van het kuiken als de huidige economische optimalisatie in de keten spelen daarbij een rol.

Als die zware invloed van verandering van landgebruik wordt gereduceerd, door bijvoorbeeld de soja uit Noord-Amerika te halen, wordt de vergelijking anders. In dat geval hebben reguliere vleeskuikens een 23% lagere CO2-voetafdruk (1,37 kg CO2-eq/ kg LW) dan het scharrelkuiken (1,79 kg CO2-eq/kg LW).

Lees ook: Voer- en strooiseltype beïnvloeden ammoniakconcentraties in vleeskuikenstal

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.