De afname van de veestapel in Noordwest-Europa zet ook de logistiek van veevoedergrondstoffen onder druk. Dat constateert ABN Amro in de recente analyse De binnenvaart zit op hete kolen. Het vervoer van agrarische bulk over de Nederlandse binnenwateren daalde in tien jaar tijd met 10 procent, van 31,9 naar 28,8 miljoen ton. In de afgelopen twee jaar was wel sprake van voorzichtig herstel.
De ontwikkeling hangt volgens de bank vooral samen met veranderingen in de Europese veehouderij. Door de krimp van de veestapel in Noordwest-Europa neemt de vraag naar mengvoer af en daarmee ook de behoefte aan grondstoffen als soja en granen. Tegelijkertijd verschuift een deel van de veehouderij en mengvoerproductie richting Oost-Europa, met name Polen en Hongarije.
Dat heeft niet alleen gevolgen voor de vraag naar grondstoffen, maar ook voor de productielocatie van mengvoer. In landen als Nederland kan overcapaciteit ontstaan, waardoor sluiting of verplaatsing van productiecapaciteit aan de orde kan komen. Abn Amro verwacht daarom dat de vraag naar agribulk in Noordwest-Europa ook de komende jaren onder druk blijft staan.
Beschikbaarheid van vaarwegen
Voor vervoerders betekent dit dat bestaande stromen minder vanzelfsprekend zijn. Bovendien krijgt de binnenvaart te maken met een tweede onzekerheidsfactor: de beschikbaarheid van de vaarwegen. Schommelende waterstanden en achterstallig onderhoud aan sluizen en bruggen zorgen voor meer risico op vertragingen en beperkingen in de belading. Bij laagwater kunnen schepen minder lading meenemen.
De totale hoeveelheid droge bulk die over de Nederlandse binnenwateren wordt vervoerd, nam in tien jaar tijd met ruim 15 procent af, van 201,4 naar 170,5 miljoen ton. De terugval komt vooral door minder kolen- en ijzerertsvervoer, maar ook agribulk levert volume in.
Kansen in nieuwe goederenstromen
Tegelijkertijd ziet ABN Amro kansen voor de binnenvaart in nieuwe goederenstromen. Biomassa, schroot, bouwmaterialen, halffabricaten en containers kunnen een deel van de traditionele bulkvolumes vervangen. Voor vervoerders wordt het daardoor belangrijker om flexibel inzetbaar te zijn en niet volledig afhankelijk te blijven van één type lading.


