Frankrijk en Brazilië na Aflatoxine onder vergrootglas

Na een overschrijding van Aflatoxine B1 in enkele melkveevoeders is Frankrijk opnieuw onder de loep genomen als herkomstland van maïs. De besmetting werd herleid naar een partij Zuid-Franse maïs uit de oogst van 2025, verwerkt bij Agrifirm in Drachten.

Dankzij snelle melding en ingrijpen van zowel Agrifirm als SecureFeed zijn alle betrokken bijna 500 bedrijven geblokkeerd en de voeders teruggehaald, waarmee verdere verspreiding werd voorkomen.

‘Aflatoxine is grillig’

Volgens Rien Huige, directeur van SecureFeed, hebben de controlesystemen “precies gedaan wat ze moesten doen”. De besmetting kwam aan het licht via de standaard eindvoercontrole binnen het SecureFeed-programma. De maïs voldeed bij binnenkomst aan de norm, maar in enkele eindproducten werden later toch te hoge waarden aangetroffen. “Aflatoxine is grillig: de schimmel die deze toxine veroorzaakt zit nooit homogeen verdeeld in een partij en kan zich ophopen in klonten of haarden. Daardoor kan een monster soms niets laten zien, terwijl elders in de vracht wel een schimmelhaard zit.”

De partij Zuid-Franse maïs bleek uitsluitend door Agrifirm te zijn verwerkt. Voorlopig blijft het risicoprofiel van Zuid-Frankrijk op ‘midden’ bij SecureFeed maar de analysefrequentie en interne normen zijn tijdelijk aangescherpt. “Als er meer hoge waardes volgen, kan de regio op ‘hoog risico’ worden gezet,” zegt Huige.

Voor melkveevoeders

Brazilië staat sinds begin september op risicoprofiel ‘hoog’. Van dat land werd in eind augustus na het lossen in maïs verhoogde Aflatoxinegehalten vastgesteld. De besmette deelpartij is volgens Huige teruggeroepen en niet in het voer terechtgekomen. Andere delen van dezelfde vracht zaten beneden de wettelijke norm. Voor zover ze boven de bovenwettelijke SecureFeed afkeurgrens voor melkvee zaten, zijn die niet gebruik voor melkveevoeders. Voor andere diersoorten was het geen probleem.

Hoewel dergelijke incidenten met blokkades van voer bij de boer zeldzaam zijn, onderstrepen ze volgens Huige het belang van een collectieve aanpak zoals rondom risicobeoordeling, monitoring en protocollen. “Soms gebeurt er jaren niets, en dan ineens duikt er weer iets op. Dan is het zaak dat het systeem werkt. En dat heeft het nu gedaan.”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mis geen enkel nieuws uit de diervoederindustrie