Minister Kamp ontvangt Biobased onderzoeksagenda

Henk Kamp, minister van Economische Zaken heeft de nieuwe onderzoeksagenda van de Stichting Topconsortium voor Kennis- en Innovatie Biobased Enonomy (KI BBE) ontvangen. Kamp heeft de nieuwe onderzoeksagenda ontvangen uit handen van de boegbeelden van Topsectoren Chemie, Agri&Food en Energie. De agenda beschrijft de wijze waarop vanuit de sectoren de komende 8 tot 12 jaar wordt gewerkt aan de realisatie van een biobased economy in Nederland.

Programmalijnen

“De agenda bevat vier programmalijnen die de rode draad voor nieuwe biobased ketens vormen”, aldus  de stichting. “Naast energie komen, door technische ontwikkelingen, toepassingen als chemische bouwstenen en materialen steeds dichterbij. Verbindingen tussen sectoren zijn essentieel.  Daarnaast zet het TKI BBE zich op korte termijn in, tot een efficiëntere inzet van biomassa voor energie en materialen te komen. Op de langere termijn ziet TKI BBE belangrijke kansen voor solar capturing, het rechtstreeks omzetten van zonne-energie in chemische bouwstenen. Daarbij is Nederlandse expertise cruciaal om zonne-energie veel efficiënter te gebruiken”, aldus TKI BBE.

Inzet van bedrijfsleven

De stichting stelt dat de onderzoeksagenda in nauw overleg met het bedrijfsleven, de kennisinstellingen en de overheid tot stand is gekomen. “Om daadwerkelijk tot een vergroening van de economie te komen is de inzet van het bedrijfsleven cruciaal. Daarom heeft de agenda als uitgangspunt dat kennisontwikkeling moet gebeuren op thema’s waar het Nederlandse bedrijfsleven kansen ziet om economische waarde te brengen in Nederland. Hetzij in productie, hetzij in pilotinstallaties”, stelt TKI BBE.

Strategie

Naast de ontwikkeling van de agenda hebben de kennisinstellingen (DLO, ECN en TNO) in overleg een strategie opgesteld die aansluit op de onderzoeksagenda. “NWO gebruikt de onderzoeksagenda voor haar wetenschapsagenda die eind dit jaar gereed is. Op deze manier ontstaat een aansluiting tussen de ambities van TKI BBE en de strategie van de kennisinstellingen. Voor de realisatie van de agenda is jaarlijks 34 miljoen euro publiek geld nodig. Dit betekent dat vanaf 2016 7 miljoen extra publiek geld moet worden vrijgemaakt. Dit bedrag loopt op tot 15 miljoen in 2019. Uit een inventarisatie blijkt dat er voldoende commitment vanuit het bedrijfsleven is, om naast elke publieke euro een private euro te leggen”, aldus de stichting. In het najaar wordt duidelijk of het ministerie van Economische Zaken voldoende budget kan vrijmaken voor de realisatie van de agenda.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mis geen enkel nieuws uit de diervoederindustrie