Met lijnzaad methaanuitstoot koeien verlagen

Melkveehouders kunnen hun klimaatimpact aanzienlijk verlagen door dagelijks plantaardige vetten toe te voegen aan het rantsoen van hun koeien. Dat blijkt uit doctoraatsonderzoek van Joni Van Mullem aan Ilvo en Universiteit Gent. Vooral geëxtrudeerd lijnzaad en een combinatie van lijnzaad met koolzaad blijken een haalbare maatregel om methaanuitstoot te verminderen, zonder verlies aan melkproductie.

De studie sluit aan bij het Convenant Enterische Emissies Rundvee, waarin de Vlaamse rundveesector zich engageerde om de methaanuitstoot tegen 2030 fors te verminderen. Methaan is een krachtig broeikasgas en verantwoordelijk voor ongeveer de helft van de klimaatimpact van de landbouw in Vlaanderen. Het grootste deel ontstaat tijdens de vertering in de pens van runderen.
Uit cijfers van de Vlaamse Milieumaatschappij blijkt echter dat de methaanuitstoot van de rundveestapel sinds 2019 nog is gestegen. Daardoor moet de sector vandaag mikken op een reductie van 22 procent tegen 2030.

Joni van Mullem
Joni Van Mullem verdedigde haar doctoraat ‘Nutritional mitigation and grassland climate adaptation strategies in relation to enteric methane emissions from dairy cattle’ met succes op 30 april 2026.

Werkt in grasrijke rantsoenen

Volgens het onderzoek volstaat dagelijks 400 gram ruw vet uit geëxtrudeerd lijnzaad om de methaanuitstoot met ongeveer 5 procent te verminderen. Wanneer 44 procent van het lijnzaad wordt vervangen door koolzaad, stijgt die reductie zelfs tot 11 procent.
Belangrijk is dat de maatregel werkt in grasrijke rantsoenen, die typisch hogere methaanemissies veroorzaken. Bovendien bleef de melkproductie in alle proeven behouden, ongeacht het aandeel gras in het voeder.

Toepassing methaanarm voeders

Ondanks eerdere onderzoeken naar methaanreducerende voeders blijft de toepassing in Vlaanderen voorlopig beperkt. Volgens recente evaluaties passen slechts een beperkt aantal melkveehouders vandaag actief methaanarm voederen toe.
Van Mullem onderzocht daarom maatregelen die niet alleen wetenschappelijk effectief zijn, maar ook praktisch haalbaar voor melkveebedrijven die inzetten op graslandbeheer en klimaatrobuuste landbouw. Daarbij werd ook rekening gehouden met toepassingen binnen de biologische sector.

Opvallend potentieel wilde planten

Naast lijn- en koolzaad onderzocht de onderzoekster ook kruiden, vlinderbloemigen en wilde planten. Sommige soorten bleken in laboratoriumtesten opvallend sterke methaanreducerende eigenschappen te hebben.
Vooral jonge twijgen van de tamme kastanje scoorden hoog, met een methaanreductie tot 94 procent in labo-omstandigheden. Volgens de onderzoekers is bijkomend onderzoek nodig om dergelijke resultaten te vertalen naar praktisch toepasbare voedersystemen op landbouwbedrijven.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mis geen enkel nieuws uit de diervoederindustrie