Schothorst Feed Research (SFR) onderzoekt welke bijproducten en reststromen uit de humane voedingsindustrie veilig en effectief inzetbaar zijn in diervoeders en welke bijdrage deze kunnen leveren aan het verlagen van de CO₂-voetafdruk van veevoer. Met analyses van nutriëntwaarden en milieudata wil het Nederlandse onderzoeks- en adviesbureau diervoederproducenten en landbouwbedrijven helpen duurzamere keuzes te maken bij voerformulering.
In het onderzoek worden niet alleen de nutriëntwaarden van grondstoffen en bijproducten bepaald, maar ook de CO₂-equivalenten gekoppeld aan deze ingrediënten. Zo kunnen voeders voortaan naast kostprijs ook geoptimaliseerd worden op klimaatimpact. Uit eerdere data blijkt dat ongeveer 70 procent van de CO₂-voetafdruk van dierlijke eiwitten wordt bepaald door de voersamenstelling, wat het potentieel van circulaire grondstoffen onderstreept.
Bijproducten in diervoeders verwerken
Voorbeelden van onderzochte reststromen zijn aardappelproducten, tarwegistconcentraten, perspulp, tarwezetmeel, bierbostel, maisglutenvoer en kaaswei, maar ook onverkochte brood- en bakkerijwaren uit supermarktretouren. Door deze bijproducten in diervoeders te verwerken, blijven waardevolle nutriënten circulair in de keten en wordt de vraag naar primaire grondstoffen verminderd.
In 2024 verwerkte de Nederlandse varkenshouderij al 2,7 miljoen ton vochtrijke bijproducten, en als herkauwers en pluimvee worden meegerekend, komt het totaal op ruim 5 miljoen ton bijproducten die in diervoeders zijn gebruikt.
Verhogen nutriëntwaarde bijproducten
SFR werkt daarnaast met diervoederproducenten samen aan vervolgonderzoek naar het verhogen van de nutriëntwaarde van bijproducten door fermentatie en het effect van bewerkingsmethoden zoals druk en temperatuur op verteerbaarheid en nutriëntbeschikbaarheid. Het doel is diepgaand inzicht te krijgen in de samenhang tussen circulaire grondstoffen, kostprijs, productieresultaten, nutriëntratio’s en emissies zoals stikstof en fosfaat.


