De crisis in het Midden-Oosten werkt op korte en langere termijn door in de diervoederketen, ziet Erwin Wunnekink, directeur van Nevedi. Zoals elke energie-intensieve sector hebben bedrijven in deze sector direct te maken met hogere kosten voor energie.
“Transport en processen in fabrieken worden duurder. Dat werkt vervolgens door in de hele keten met hogere productiekosten voor veehouders.” Toch is de impact niet voor iedereen gelijk als gevolg van keuzes in voorraadvorming, contracten en hedgen. Daardoor ontstaan volgens Wunnekink verschillen in concurrentiepositie wat voor de sector als totaal niet gunstig is.
Aminozuren uit Azië
Voor de langere termijn ligt de zorg vooral bij de beschikbaarheid van grondstoffen en ingrediënten van premixen. Vooral de beschikbaarheid van aminozuren uit Azië komt, naarmate de crisis langer duurt, meer onder druk te staan. Veel aminozuren en vitamines zijn chemisch-industriële producten met een hoge energie-input. Deze markten reageren snel en scherp, zelfs als er geen fysieke blokkade is. Op dit moment zijn er nog geen directe tekorten, maar als de situatie zo blijft, sluit Wunnekink in de tweede helft van het jaar problemen niet uit.
Daarnaast worden ook kunstmeststromen geraakt. Dat kan doorwerken in de mondiale landbouwproductie en daarmee op de beschikbaarheid en kosten van grondstoffen voor de (nog) langere termijn, zoals RaboResearch recent waarschuwde. Tot op heden reageren de grondstofbeurzen overigens nog opvallend rustig en blijken grondstoffenmarkten complex en van veel factoren afhankelijk.
Werkgroep crisisbeheer
Wunnekink benadrukt dat de sector zich niet op korte termijn kan losmaken van deze afhankelijkheden, maar wel stappen zetten. “Het is geen kwestie van paniek, wel van bewustwording.” Binnen Nevedi is een werkgroep crisisbeheer actief die data verzamelt over herkomst van grondstoffen, geopolitieke risico’s en alternatieve bronnen. Ook wordt gekeken naar opslagcapaciteit en strategische voorraden.
In een aantal Europese landen wordt al gewerkt met monitoring van voorraden of strategische buffers. Volgens Wunnekink vraagt dit uiteindelijk om een Europese aanpak waarbij ook de Europese brancheorganisatie Fefac betrokken is. “Dit kun je niet als Nederland alleen oplossen. Er is een gezamenlijke visie nodig om minder kwetsbaar te worden.”
Prijseffect verschilt per aminozuur
Het effect van de crisis verschilt sterk per aminozuur. Methionine wordt het hardst geraakt. De productie is sterk afhankelijk van petrochemische grondstoffen, waardoor stijgende olieprijzen direct doorwerken. Prijzen zijn inmiddels verdubbeld en er dreigt later dit jaar zelfs een fysiek tekort. Bij lysine speelt een specifiek probleem: zwavelzuur, een belangrijke grondstof, is in China fors duurder geworden en minder beschikbaar.
Veel andere aminozuren zijn de afgelopen jaren rond of zelfs onder de kostprijs op de markt gekomen vanwege overcapaciteit in China. De crisis in het Midden-Oosten maakt dat prijzen zijn gestegen tot niveaus waar weer marge wordt gemaakt.


