Mycotoxinen blijven voornaamste aandachtspunt 

Mycotoxinen blijven het voornaamste aandachtspunt bij het veiligstellen van de diervoeder- en voedselveiligheid van diervoeders. Dit blijkt uit het overzicht van meldingen bij SecureFeed van situaties met (mogelijk) verhoogd risico in de periode mei t/m augustus 2015. Het overgrote deel van de 443 meldingen betrof verhoogde waardes DON en ZEA in mais(bij)producten uit vooral Duitsland en Frankrijk. Bij geen van de meldingen was de diervoeder- of voedselveiligheid in het geding.

Indeling naar impact

SecureFeed deelt meldingen in naar (mogelijke) impact op de diervoeder- en voedselveiligheid. Bij een ‘Signaal’ kan het betrokken individuele bedrijf met eigen (extra) maatregelen gevolgen van het probleem beheersen. Hieronder vallen ook geweigerde vrachten. Een ‘Alert’ vereist bij meer diervoederbedrijven extra waakzaamheid en soms aanvullende maatregelen. Een ‘Calamiteit’ heeft de meeste impact en treft ook andere ketenschakels.

Signaal en geweigerde vrachten

In de periode mei t/m augustus ontving SecureFeed 419 meldingen in de categorie signaal. Het betrof onder meer meldingen over licht verhoogde waardes van pesticiden (8 keer) en van (zware) metalen als koper, zink, cadmium en fluor (5 keer).
Er waren 254 meldingen over DON en 103 over ZEA. Hiervan was bij 62 gevallen sprake van verhoogde waardes van beide schimmelgifstoffen. De aantallen bevestigen het huidige hoge risicoprofiel van mais(bij)producten. Het is een bekend en onderkend probleem; ook in de eerste vier maanden van dit jaar hadden DON en ZEA een groot aandeel in de meldingen. De verhoogde waardes komen voort uit de natte weersomstandigheden in Duitsland en Frankrijk tijdens de teelt- en oogstperiode in 2014. Dat zorgde voor extra groei van schimmels in maïs(bij)product.

In het gezamenlijke monitoringplan nemen deelnemers van SecureFeed meer monsters om te testen op aanwezigheid van DON en ZEA. Bij waardes hoger dan de SecureFeed-actiegrens (2,5 resp. 0,25 mg/kg product), zijn deelnemers verplicht er melding van te maken bij SecureFeed. De betreffende mais(bij)producten zijn volgens de voorschriften van SecureFeed beperkt geschikt en als grondstof voor bepaalde diersoorten niet bruikbaar. Binnenkort komen de eerste vrachten mais(bij)product van oogst 2015 en zal ook het risicoprofiel voor deze grondstof uit diverse herkomstregio’s worden bepaald.

Bij 40 signaalmeldingen ging het om ‘geweigerde vrachten’. Hierbij ging het onder meer om te veel vervuiling in de partij diervoeder (zoals insecten of plastic) of teveel bijmenging van andere grondstoffen. Geweigerde vrachten zijn alleen te verwerken in diervoeders als het product aantoonbaar voldoet aan wettelijke eisen en GMP+-voorwaarden. Om daaraan te voldoen kan de leverancier in deze gevallen besluiten om bijvoorbeeld het product te ‘schonen’. Zo niet, dan acht SecureFeed het product ongeschikt en dient het buiten de diervoederketen te worden afgezet.

Alert en Calamiteit

SecureFeed classificeerde 24 meldingen als ‘Alert’. Het betrof onder meer te hoge waardes van pesticiden in Duits koolzaadschroot en Belgisch rijstvoermeel en van salmonella in Braziliaans sojaschroot en Duits koolzaadschroot. Niet één melding viel in de categorie ‘Calamiteit’.

Risicoprofiel en monitoringplan

SecureFeed gebruikt de informatie uit meldingen voor het actueel houden van het risicoprofiel van voedermiddelen en van het monitoringplan. Met de meldplicht leveren de (aspirant)deelnemers van SecureFeed een actieve bijdrage aan borging van de voeder- en voedselveiligheid. Zij waren dan ook de voornaamste bron van de meldingen (420). Andere bronnen waren laboratoria (9), RASFF (8), leveranciers (5) en de NVWA (1).

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mis geen enkel nieuws uit de diervoederindustrie