Feedura streeft naar 100 procent circulair voer

Roel Lavrijsen en Gust Voermans: “Door middel van creativiteit en innovatie proberen wij de bijproducten en reststromen een maximale meerwaarde te geven.”

Roel Lavrijsen en Gust Voermans richtten drie jaar geleden Feedura op, een innovatief bedrijf dat zich tot doel stelt meer kwaliteitsvolle circulaire grondstoffen in het voer te mengen, vooral bijproducten uit de voedingsnijverheid. Zij achten het bij varkens zelfs mogelijk om tot 100 procent circulair voer te geraken.

Dit artikel verscheen in Molenaar nummer 6. Maak kennis met De Molenaar en download nummer 6 van De Molenaar gratis.

“Wij denken dat circulariteit een belangrijke pijler blijft om onze voedselsystemen duurzaam te houden”, zegt Roel Lavrijsen, één van de oprichters van Feedura, een bedrijf dat zich richt op circulair voer. “Binnen ons bedrijf zijn we dagelijks bezig met circulaire grondstoffen in de breedste zin van het woord. We proberen vraag en aanbod bij elkaar te brengen.”

Feedura is in feite een verbindende schakel tussen de leverancier van bijproducten en de afnemer. Het produceert zelf niet. “Door middel van creativiteit en innovatie proberen wij de bijproducten en reststromen een maximale meerwaarde te geven. Daarbij willen we zo hoog mogelijk mikken op de ladder van Lansink. De hoogste trede is voedselafval te voorkomen, een maximaal gebruik dus voor humane voeding. In onze sector komt het erop aan bijproducten die niet meer voor menselijke voeding in aanmerking komen te recycleren voor diervoeding. De laddertrede lager, vergisting, moeten we maximaal zien te voorkomen. Daarbij staat kwaliteit van het gerecycleerde product centraal.”

Wij zijn de opruimers van hoogwaardige reststromen’

Partnerschappen

Feedura ontwerpt voedingssupplementen uit nevenstromen van de voedingsproductie voor varkens en koeien, maar ook voor petfood en insectenkweek. Daarnaast werkt het zowel voor veevoederbedrijven als voor veehouders. “Wij denken dat we de ideale partner zijn voor bedrijven uit de voedings- en de veevoedingssector”, stelt medeoprichter Gust Voermans. “Wij hebben een groot netwerk van bedrijven die ons met hun specialisatie ondersteunen. We willen graag de samenwerking aangaan met bestaande afnemers van reststromen en ander bedrijfsafval. Ten slotte zijn we een groeiend bedrijf met vaste aanspreekpunten, met de focus op een goede klantrelatie en naverkoopdienst.”

Aanvulling

In welke mate verschilt Feedura dan van de grote bedrijven die bezig zijn met het verwerken van reststromen voor de veevoeding? “Wij proberen ‘out of the box’ te denken. We willen voor die grote verwerkingsbedrijven een aanvulling zijn”, zegt Lavrijsen. Voermans komt meteen met een voorbeeld, en toont een bokaal met inerte vezels van brood. “Die gebruikt men normaal voor rundvee, maar via testen hebben we vastgesteld dat het ook werkt voor zeugen”, zegt hij.

‘Wij proberen minder gangbare reststromen en verwerkingsvormen uit’

“Ze zijn niet duur, maar passen in een gezonde voeding. Brood bevat alleszins hoogwaardige tarwe, dit verschilt met de grondstoffen die worden gebruikt in bijvoorbeeld de biobrandstoffenindustrie.” Hij toont een andere bokaal met reststromen van de babyvoedingsproductie. “Voor biggen heeft dit een hogere voedingswaarde dan reststromen van de melkpoederproductie. We hebben een eigen biggenmelk vanuit 100 procent reststromen ontwikkeld. Dit bevat relatief weinig eiwit en veel vet, waardoor het minder snel diarree veroorzaakt”, zegt Voermans

Ruime ervaring
Feedura is met drie jaar nog een jonge onderneming, maar de 2 partners Roel Lavrijsen en Gust Voermans kunnen al op heel wat ervaring ter zake rekenen. Voermans studeerde af in Wageningen en deed onder meer bij ForFarmers ervaring op. Lavrijsen heeft veel ervaring in de veevoedersector en de varkenshouderij. In de familiale varkenshouderij Lavrijsen Agriculture Group, baat hij met zijn broers varkensbedrijven uit waarin volop wordt ingezet op circulair voer, onder andere van de eigen aardappelproductie

Circulaire pluimveevoeders

Ook reststromen van de pluimveevleesproductie (pluimveemeel) hebben een hoger eiwitgehalte dan soja en bovendien een beter aminozuurpatroon dan plantaardig eiwit. “Het is nu toegelaten, maar veel mengvoerfabrieken zijn niet ingericht om dit te verwerken. Wij proberen creatief en flexibel te zijn en kunnen dit bijvoorbeeld rechtstreeks beschikbaar maken voor de varkenshouder. Wij zijn zowel bij mogelijke producenten van reststromen als bij de veehouders in de stal.”

“Zonder Feedura zou ik als varkenshouder ook bij het gangbare zijn gebleven”, beaamt Lavrijsen, die zelf ook varkenshouder is. “Samen met de varkenshouders en dierenartsen proberen wij minder gangbare reststromen en verwerkingsvormen uit.” Hij benadrukt dat Feedura het best kan samenwerken met mengvoerbedrijven die flexibel zijn. “Wij kopen vaak restromen aan en verwerken ze samen met premixers. We zoeken nog meer partners.”

De laddertrede lager, vergisting, moeten we maximaal zien te voorkomen’

Zoeken, testen en certifiëren

Voedingssupplement op basis van brood. Brood bevat hoogwaardige tarwe.

“Wij zoeken in feite nieuwe reststromen, vooral uit de humane voeding, en maken die GMP-waardig”, zegt Lavrijsen. “Wij zijn de opruimers van hoogwaardige reststromen.” Alle gevonden reststromen en het gebruik ervan worden grondig getest. Wat varkens betreft gebeurt dat in hoge mate bij de Lavrijsen Agriculture Group. “Ook hier zijn we bezig om kringloopconcepten in praktijk te brengen.

Onze aardappelen bijvoorbeeld leveren wij aan verwerkingsbedrijven, waarna we de nevenstromen zoals aardappelschillen verwerken in ons diervoer. De mest van de dieren wordt weer op het land gebracht, zodat de lokale kringloop opnieuw kan beginnen. We zijn ook bezig met de toepassing van zeewiersupplementen, die zorgen voor een betere waterhuishouding en meer koolstofbinding in de bodem.”

GMP-certificering

“Vanuit reststromen gaan we binnen Feedura eerst kijken of we ze GMP-waardig kunnen maken en wat het kan opbrengen”, zegt Lavrijsen. “Als het zinvol is ermee door te gaan – break-even is al goed – zorgen we voor certificering met een certificeringsbureau. Dan gaan we testen op één van onze varkensbedrijven. Vaak moeten er nog aanpassingen gebeuren in functie van doeltreffendheid en  rendabiliteit. Dan wordt dezelfde oefening gemaakt en uiteindelijk is het product klaar voor de markt.”

Kwaliteit, economisch voordeel en duurzaamheid combineren

De pijlers van het bedrijf zijn voeding, gezondheid en duurzaamheid. “Deze drie begrippen zijn essentieel om in de toekomst kringlopen te sluiten en daarmee het voedselsysteem en de bodem duurzaam en gezond te houden”, aldus Lavrijsen.

Bij de ontwikkeling van de producten wordt ook steeds het economisch voordeel in kaart gebracht, blijkbaar met succes. “Bij Lavrijsen Agriculture Group halen we een economisch voordeel van 15 tot 20 procent”, zegt Lavrijsen. “Dat wisselt naargelang de beschikbaarheid. Je moet het circulair voer dan ook geregeld aanpassen. Wij streven naar 100 procent circulair voer. Vandaag zitten we al op 80 procent, CCM meegerekend.”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mis geen enkel nieuws uit de diervoederindustrie