Duitse boerenbond verwacht een gemiddelde graanoogst

De Duitse boerenbond DBV rekent voor 2026 op een gemiddeld graanjaar, al zijn de regionale verschillen naar verwachting groot. De weersomstandigheden tijdens het groeiseizoen en de economische situatie op de akkerbouwbedrijven zorgen volgens de organisatie voor een gemengd beeld.

Het totale graanareaal komt dit jaar uit op 6,03 miljoen hectare, een stijging van 1,8 procent ten opzichte van vorig jaar. Daarvan bestaat ongeveer 5 miljoen hectare uit wintergranen. Wintertarwe blijft met circa 2,9 miljoen hectare en een aandeel van 48 procent de belangrijkste akkerbouwteelt in Duitsland.

Regionale verschillen door weer

Volgens DBV-voorzitter Joachim Rukwied zijn de opbrengstverwachtingen sterk afhankelijk van de locatie. “We gaan uit van een gemiddelde oogst met grote regionale verschillen. De locatie maakt het verschil”, aldus Rukwied.

De inzaaiomstandigheden in het najaar van 2025 waren gunstig, maar het voorjaar verliep aan de droge kant. Ook in mei verschilden de neerslaghoeveelheden sterk per regio. De eerste helft van juni kende goede groeiomstandigheden, maar de hitte in de tweede helft van de maand zette de gewassen tijdens de korrelvulling flink onder druk.

Volgens Rukwied zijn de gevolgen van klimaatverandering steeds duidelijker merkbaar. “Extreme weersomstandigheden zoals hitte, hevige regenval en droogteperiodes komen steeds vaker voor.” Boeren spelen daarop in met onder meer waterbesparende teeltmethoden en meer diversiteit in het bouwplan.

Gemiddelde opbrengsten

De oogst van wintergerst is in delen van Duitsland inmiddels begonnen onder gunstige omstandigheden. De DBV verwacht een opbrengst van circa 9,3 miljoen ton, iets minder dan de 9,5 miljoen ton van vorig jaar. Ook voor winterkoolzaad, waarvan het areaal met 4,9 procent groeide tot 1,14 miljoen hectare, wordt een gemiddelde oogst voorzien.

Daarnaast zet de uitbreiding van de teelt van eiwitgewassen door. Het areaal veldbonen, erwten en soja neemt opnieuw toe.

Economische druk neemt toe

Ondanks de verwachte gemiddelde oogst blijft de economische situatie op de Duitse akkerbouwbedrijven volgens de DBV zeer gespannen. De producentenprijzen liggen onder het toch al lage niveau van vorig jaar, terwijl de kosten hoog blijven. De prijsindex voor productiemiddelen ligt nog altijd ongeveer 30 procent boven het niveau van 2020.

“We hebben een echt margeprobleem”, stelt Rukwied. “Blijvend hoge kosten gaan samen met te lage opbrengsten en een afnemende opbrengstzekerheid. Als de randvoorwaarden niet verbeteren, verliezen steeds meer bedrijven hun economische basis.”

Toelatingsprocedures versnellen

De DBV pleit daarom voor lagere energiekosten, betaalbare en beschikbare stikstofmeststoffen en een betere liquiditeitspositie voor akkerbouwbedrijven. Daarnaast moeten volgens de organisatie de toelatingsprocedures voor gewasbeschermingsmiddelen worden versneld, de mestwetgeving praktischer worden ingericht en de administratieve lasten worden verminderd.

Ook maakt de boerenorganisatie zich zorgen over de verdere verspreiding van de rietglasvleugelcicade, die een bedreiging vormt voor aardappelen, suikerbieten en groentegewassen. Tijdelijke noodtoelatingen voor gewasbeschermingsmiddelen bieden volgens de DBV slechts een tijdelijke oplossing.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mis geen enkel nieuws uit de diervoederindustrie