Vijftien jaar Amerikaans onderzoek naar het gebruik van vetten en oliën in diervoeding levert nieuwe inzichten op over de invloed van grondstofkwaliteit op dierprestaties. De resultaten helpen diervoederbedrijven en veehouders om beter onderbouwde keuzes te maken bij de inzet van vetrijke energiebronnen.
Vetten en oliën zijn belangrijke energiebronnen in diervoeders, maar het bepalen van hun werkelijke voedingswaarde is complex. Oxidatie kan de kwaliteit van vetten aantasten, waardoor de voeropname, groei en voederbenutting van dieren kunnen afnemen.
Onderzoekers van de Amerikaanse landbouwonderzoeksdienst ARS en de Universiteit van Minnesota analyseerden zestien publicaties over de relatie tussen oxidatieproducten in vetten en prestaties van varkens. Daarbij keken zij onder meer naar de bruikbaarheid van veelgebruikte kwaliteitsmetingen zoals het peroxidegetal (PV), anisidinegetal (AnV) en TBARS.
De onderzoekers concluderen dat deze metingen wel informatie geven over oxidatie, maar niet altijd nauwkeurig voorspellen welk effect een vetbron heeft op de prestaties van dieren. Door specifieke oxidatieproducten, zoals bepaalde aldehyden, mee te nemen, kan de relatie tussen vetkwaliteit en dierprestaties beter worden ingeschat.
Type vetbron beïnvloedt oxidatie
De studie bevestigt ook dat de gevoeligheid voor oxidatie sterk verschilt tussen vetbronnen. Vetten met veel onverzadigde vetzuren, zoals soja-, mais- en koolzaadolie, oxideren gemakkelijker dan vetten met een hoger aandeel verzadigde vetzuren, zoals talg, palmolie en reuzel.
Bij varkens werden hogere concentraties oxidatieproducten in onverzadigde vetten gekoppeld aan lagere voeropname, minder groei en een minder efficiënte voederbenutting. De onderzoekers benadrukken daarmee dat niet alleen de hoeveelheid vet in een rantsoen van belang is, maar ook de kwaliteit en stabiliteit van de gebruikte grondstoffen.
Betere beoordeling van vetbronnen
Hoewel het onderzoek is gebaseerd op de Amerikaanse praktijk, biedt het ook inzichten voor de Nederlandse diervoedersector. De regelgeving rond het gebruik van grondstoffen in diervoeders verschilt tussen de Verenigde Staten en Europa, waardoor toepassingen niet één op één vergelijkbaar zijn.
De belangrijkste les voor voerbedrijven en veehouders is dat een betere beoordeling van vetbronnen kan helpen om voedingswaarde en economische waarde nauwkeuriger in te schatten. Daarmee kunnen keuzes over energiebronnen in diervoeders beter worden onderbouwd.


