Opfok- en leghennen laten meer voergericht gedrag zien wanneer hun voer is verdund met vezelrijke grondstoffen. Het verstrekken van verdunde voeders aan opfok- en leghennen kan daarom wezenlijk bijdragen aan het beheersen van verenpikgedrag en veerschade, zo blijkt uit onderzoek van Wageningen UR Livestock Research. Vanuit welzijnsoogpunt bevelen de onderzoekers aan om zowel het opfok- als het legvoer te verdunnen tot een niveau van minimaal 7,5 procent.
Voerverdunningen
Tijdens het onderzoek kregen de kuikens en hennen diverse voerverdunningen (0, 7,5 en 15 procent), waarbij een deel tarwe en sojaschroot uit het gangbare verstrekte voer werd vervangen door gerst en zonnebloemzaadschilfers. Vanwege de goede vezeleigenschappen is ook een met haverdoppen verdund opfokvoer getest. De onderzoekers hebben in dit onderzoek gekeken naar de technische resultaten, verenpik- en algemeen gedrag, verenschade, maag-darmkanaal kenmerken en strooiselkwaliteit. De hennen hadden hele snavels en zijn gevolgd van 0 tot 40 weken leeftijd.
Voergericht gedrag
Met het verstrekken van verdund opfok- en legvoer neemt het voergerichte gedrag van zowel opfok- als leghennen toe. Deze veranderingen in gedragspatroon zijn perspectiefvol, omdat ze bijdragen aan het verminderen van verenpikgedrag en verenschade van opfok- en leghennen. Tijdens de opfokperiode was er ook daadwerkelijk minder veerschade bij de kuikens die verdund voer kregen, maar tijdens de legperiode had voer hier geen aantoonbaar effect meer op. Door het verdunde voer was het gewicht en de eimassa van de hennen lager, maar de verdunning gaf wel een verbetering van de energiebenutting te zien.


