Mengvoerbedrijven blijven achter met energiebesparing

Energiebesparing bij mengvoerbedrijven is verplicht, maar grote stappen blijven uit. Investeringen in data, monitoring en procesoptimalisatie bieden kansen om energieverbruik te verlagen en kosten te besparen. Toch blijven veel bedrijven terughoudend door marktonzekerheid en onduidelijke rendementen.

Bedrijven in Nederland moeten hun CO2-uitstoot in 2030 met minstens 55 procent verminderen ten opzichte van 1990. Met als uiteindelijk doel een volledige reductie van 100 procent in 2050. Energiebesparing is daarbij een belangrijk onderdeel.

“De laatste jaren heb ik heel wat mengvoerbedrijven bevraagd naar hun verplichting om energie te besparen”, zegt Eric Vissers, procestechnoloog van Feed Design Lab. Vissers ziet in de praktijk grote verschillen. “Er zijn bedrijven met een gedreven energieteam die grote slagen maken. Aan de andere kant zie ik verminderde ijver, omdat de prijzen van gas en elektra weer redelijk ‘normaal’ zijn.” (het gesprek vond plaats voor de crisis in het Midden-Oosten, red.).

Dit artikel is tijdelijk gratis te lezen. Wilt u altijd toegang tot alle premium-artikelen of het magazine 14 keer per jaar ontvangen? Kijk dan welk abonnement van De Molenaar het beste past.

Energiebesparingsplicht

Miguel Costa Gonzalez, cliëntmanager van Actemium, adviseert mengvoerbedrijven om de energiebesparingsplicht te benutten voor innovaties van hun processen. “Ze kunnen daarmee hun concurrentiekracht versterken. De sector is van nature conservatief en gewend aan stabiele, beproefde processen. De focus ligt vooral op productiecontinuïteit, zeker in een markt waar wet- en regelgeving voortdurend verandert en de veestapel krimpt. Toch zie ik voorzichtige stappen om maatregelen strategischer in te zetten voor structurele energiebesparing.”

Actemium ondersteunt diervoederbedrijven bij inzicht in het energieverbruik en het vertalen daarvan naar slimme processen en energiebesparingskansen. “Opwekken van eigen energie is nuttig, maar het lost maar een deel van de uitdaging op. Warmteopslag- of terugwinningssystemen is in onderzoek, maar toepassing is nog beperkt door kosten, technische complexiteit en onzekerheid over toekomstige kaders.”

Artikel over mengvoerbedrijven en energiebesparing gaat verder onder het kader

De rol van AI bij energiebesparing in de diervoederindustrie

AI kan de diervoederindustrie helpen om energie te besparen omdat het processen slimmer aanstuurt op basis van data. In totaal is 10 tot 30 procent energiebesparing mogelijk in een moderne voerfabriek. Hieronder de belangrijkste toepassingen. De eerste twee leveren de meeste winst op.

  • Productieprocessen continu analyseren en instellingen automatisch optimaliseren. Bijvoorbeeld zorgen voor een optimale persdruk en temperatuur bij pelletproductie. Of aanpassing van maalinstellingen afhankelijk van grondstof en mengtijd optimaliseren. Het verlaagt slijtage aan machines en het elektriciteitsverbruik met een stabielere productkwaliteit. Energiebesparingen van 5 tot 15 procent zijn in industriële processen vaak haalbaar.
  • Energieverbruik van machines, gebouwen en installaties realtime analyseren. Het kan energiepieken automatisch detecteren en uitschakelen van onnodige installaties, en gebruik van zonnepanelen of batterijen optimaliseren. Dat levert een lagere piekbelasting, minder energiekosten en een efficiënter gebruik van hernieuwbare energie op.
  • Sensordata analyseren van motoren, lagers, ventilatoren en transportbanden. Daarmee is vroegtijdig onderhoud mogelijk met minder energieverlies en minder stilstand. Dat kan in sommige fabrieken 10 tot 20 procent energiewinst opleveren.
  • Helpen bij routeoptimalisatie, planning van leveringen, optimalisatie van beladingsgraad van vrachtwagens. Minder brandstofverbruik en transportkilometers leiden tot 10 tot 25 procent brandstofbesparing.
  • Productieplanning koppelen aan energieprijzen, zodat energie-intensieve processen draaien wanneer stroom goedkoop is en productie afstemmen op beschikbare duurzame energie. Dit wordt steeds belangrijker bij dynamische elektriciteitsprijzen

Energiemanagement

Volgens Costa Gonzalez boekten mengvoerbedrijven afgelopen jaren beperkt vooruitgang in energiebesparing. “Maar waar eerder soms gekozen werd voor het tijdelijk stilzetten van een perslijn, verschuift de aandacht steeds meer richting structurele procesoptimalisatie. Echt energiemanagement draait om continu inzicht en actief sturen en daar zit zeker vooruitgang in.”

Steeds meer bedrijven starten met het verzamelen van proces- en verbruiksdata om hun productie beter te begrijpen en efficiënter te maken. Dat komt voort uit noodzaak: operationele kosten verlagen en veranderende regelgeving, duurzaamheidseisen en marktdruk vragen om beter inzicht. “Maar zolang data beperkt beschikbaar zijn, kun je de daadwerkelijke impact van maatregelen lastig bepalen. Er is wel inzicht in energiebesparingen, maar vaak nog grofmazig.”

‘Opwekken eigen energie is nuttig, maar lost maar een deel van de uitdaging op’

Volgens de cliëntmanager van Actemium meten veel fabrieken energiegebruik op een heel procesdeel met slechts één of twee meters op een centraal punt. “Dan weet je niet wat een maatregel per ton voer nu echt oplevert. Belangrijke verbruikers, zoals persen, hamermolens, koelers, drogers, worden al individueel gemeten. En deze gegevens worden steeds vaker gekoppeld aan productiedata om verdere optimalisatie mogelijk te maken. Bij bedrijven die wel fijnmaziger meten, ontstaat direct veel meer inzicht. Maar dat vraagt investeringen die ze in deze onzekere markt zorgvuldig moeten afwegen.”

Kip-en-ei-verhaal

Investeringen die gedetailleerd inzicht geven, zoals extra energiemeters, monitoringsoftware en nieuwe sensortechnologie, zijn kostbaar. “Het terugverdienmodel is vaak moeilijk hard te maken met beperkte metingen. Inzicht in besparingen begint met betrouwbare data. En investeren in meten en gestructureerd opslaan hiervan creëert de basis waarop bedrijven hun toekomstige (data-gedreven) verbeterstappen kunnen bouwen”, zegt Costa Gonzalez.

“Door dit kip-en-ei-verhaal zijn bedrijven voorzichtig in een markt die toch al onder druk staat. Voerbedrijven doen grotere technische investeringen, zoals efficiëntere motoren of warmtepompen, vooral als deze naast energiewinst operationele zekerheid of continuïteit bevorderen.” Ook Vissers twijfelt of voerbedrijven op dit moment willen investeren in energiebesparing. “Ik schat dat slechts enkele van de grootste mengvoerbedrijven genoeg ‘vlees op de botten heeft’ om hier vol voor te gaan. Het huidige politieke klimaat geeft ook weinig aanleiding om risicodragende investeringen te doen.”

‘AI gaat zeker helpen bij procesoptimalisatie

Costa Gonzalez is ervan overtuigd dat bedrijven die nu investeren in inzicht, verbetering van hun meetstructuur en data-gedreven optimalisatie, hun positie voor de toekomst versterken. “Uiteindelijk draait het om efficiënter produceren en beter begrijpen waar de energie daadwerkelijk naartoe gaat. AI gaat zeker helpen bij procesoptimalisatie, voorspellend onderhoud en slimme planning. Bijvoorbeeld automatische bijsturing van persparameters op basis van energieverbruik en productkwaliteit, of vroegtijdige detectie van inefficiënties. Maar bedrijven moeten daarvoor eerst voldoende kwalitatieve data hebben en daar ligt nog een achterstand.”

Marcel Roordink, algemeen directeur van ABZ Diervoeding, denkt ook dat AI de komende jaren zeker bijdraagt aan energiebesparing. “In onze fabrieksautomatisering worden al veel data vastgelegd die gerelateerd zijn aan energieverbruik. Met behulp van AI verwachten wij hier nog stappen in te kunnen zetten.”

Verschillende sporen om CO2-footprint te verlagen

Aanpassing van de grondstofkeuze reduceert 60 tot 80 procent van de CO2-uitstoot. Bijvoorbeeld minder soja uit Zuid-Amerika halen, meer Europese eiwitbronnen (veldbonen, lupine en erwten) gebruiken en ook meer reststromen uit de voedingsindustrie benutten. Daarnaast verplicht de EU Deforestation Regulation (EUDR) dat diervoederbedrijven aantonen dat producten niet afkomstig zijn van ontbost land na 2020 en moeten ze herkomstdata verzamelen (GPS-locaties van plantages) en leveranciersaudits uitvoeren.

De impact van energie besparen door diervoederbedrijven op uitstoot van CO2 is met 2 tot 5 procent veel kleiner dan wijzigingen in grondstoffen. Toch is met energie-efficiëntere maal- en persinstallaties, elektrificatie van installaties, zonnepanelen op fabrieken en warmteterugwinning nog winst te halen.

Transport en logistiek kunnen 5 tot 10 procent aan verlaging van de CO2-footprint bijdragen. Meer werken met regionale leveranciers scheelt de meeste kilometers, maar ook elektrische of biobrandstof trucks of routeoptimalisatie dragen bij. Mengvoerbedrijven leveren met methaanreducerende voeradditieven, precisievoeding (minder eiwit, minder stikstof) en regionale grondstoffen (kortere keten) ook bij aan een lagere methaanuitstoot bij rundvee en minder emissie van stikstof en lachgas via mest.

Vijf grootverbruikers

Mengvoerbedrijven kunnen het beste kritisch kijken naar de vijf grootverbruikers van energie in hun fabrieken. “Bijvoorbeeld het maalproces, waarvoor je door Van Mourik Group een scan kunt laten maken”, zegt Vissers van Feed Design Lab. “Het conditioneren met stoom is onomstreden en nodig voor korrelkwaliteit. Maar omdat dit, met 3 kuub gasgebruik per ton voer, veruit de duurste energieverslinder is, kun je dit met behulp van trainingen vanuit Feed Design Lab zo effectief en energiebesparend mogelijk doen.” Het voorverdichten met een expander, BOA en dubbel perssysteem kost ook veel energie, maar dit is relatief.

energiebesparing mengvoerbedrijven
Steeds meer bedrijven starten met het verzamelen van proces- en verbruiksdata om hun productie beter te begrijpen en efficiënter te maken. Foto: Actemium

Capaciteit en korrelkwaliteit maken een grote sprong voorwaarts. “Deze machines moeten full pull draaien voor het meest effectieve resultaat. Daar hoort training bij van onze jeugdige, onervaren operators. Steady state (stabiel proces) bespaart energie ten opzichte van onprofessioneel gebruik”, zegt Vissers.

Hij ziet ook andere kansen voor energiebesparing. Zoals een goede conditionering en professioneel gebruik van de voorverdichter bij persen, en een passende keuze L/D-ratio van de matrijs op de pers. Of professioneel en effectief management op afzuiging van koeling en hamermolen, bijvoorbeeld met behulp van een counterflow. “Het is ook belangrijk om operators deelgenoot te maken in energiebesparing en ze te trainen en te belonen. Het is nog te veel een managementactiviteit. Draagvlak vergroten, levert enorm veel op”, zegt Vissers.  

Laaghangend fruit

ABZ Diervoeding werkt aan energiebesparingen in malen van grondstoffen en persen van korrels. “Een deel van onze grondstoffen wordt nu gewalst in plaats van gemalen. En dubbel persen is vervangen door voorverdichten en vervolgens persen”, vertelt Roordink. “Onze koelers zijn uitgerust met een tussenbodem. En op meer locaties zijn zonnepanelen geïnstalleerd om zelf energie op te wekken. Bij transport proberen we over onze locaties in het hele land zoveel mogelijk terug te laden, om zogenoemde lege kilometers te beperken.”

Actemium ziet ook nog wel laaghangend fruit. “Denk aan betere afstelling van machines en optimaliseren van de productieplanning, zodat installaties minder onnodige draaiuren maken”, zegt Costa Gonzalez. “Dit zijn relatief eenvoudige maatregelen, maar ze blijven vaak liggen, omdat ze niet vanzelfsprekend onderdeel zijn van de dagelijkse aansturing. Je ziet vooral vooruitgang zodra bedrijven echt met hun data aan de slag gaan. Dat begint gelukkig steeds meer op gang te komen.”

Grootste klapper: naar drie locaties

Volgens Vissers kan de diervoederindustrie de grootste klapper in energiebesparing maken als ze nog maar op drie locaties in Nederland (noord, midden en zuid) voer zouden produceren voor landbouwhuisdieren. “Er zijn nu 85 mengvoerbedrijven met meer dan 100 fabrieken. Tel alleen al de nullast ofwel het energiegebruik van machines zonder product van deze bedrijven bij elkaar op. Energiebesparing en het tekort aan operators en technische mensen zijn gemeenschappelijke problemen en hebben niets te maken met de competitie tussen de bedrijven. Het zou toch veel efficiënter zijn om de krachten en kennis te bundelen op drie locaties.”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mis geen enkel nieuws uit de diervoederindustrie