Mycotoxinen blijven groeiend risico in veevoer wereldwijd

Fusariotoxinen zoals DON, ZEN en fumonisinen blijven wereldwijd een structureel probleem voor de veevoerindustrie. Nieuwe cijfers over 2025 laten zien dat zowel Latijns-Amerika als Europa te maken hebben met hoge besmettingspercentages in maïs, terwijl klimaatverandering en internationale handel het risico verder vergroten. Het probleem in Europa verschuift steeds meer van acute besmettingen naar langdurige blootstelling aan lage concentraties via voeders.

Dat blijkt uit een analyse van mycotoxinegegevens door het Franse bedrijf Olmix, gepubliceerd op het internationale platform Feed Additve Magazine. De analyse is gebaseerd op meetgegevens uit verschillende Europese en Latijns-Amerikaanse landen over 2025.
Mycotoxinen zijn giftige stoffen die worden geproduceerd door schimmels zoals Fusarium, Aspergillus en Penicillium. Ze kunnen granen en andere grondstoffen in de gehele keten besmetten. Vooral de fusariotoxinen deoxynivalenol (DON), zearalenon (ZEN) en fumonisinen (FUM) worden veel aangetroffen in maïs voor diervoeding.
Volgens de onderzoekers kunnen de stoffen leiden tot lagere dierprestaties, verminderde weerstand, vruchtbaarheidsproblemen en een verhoogde gevoeligheid voor ziekten. Klimaatverandering, wisselende neerslag en extreme weersomstandigheden zorgen er bovendien voor dat schimmels zich makkelijker verspreiden.

Latijns-Amerika hotspot voor besmetting

In Latijns-Amerika bevatte 83 procent van de onderzochte monsters minimaal één mycotoxine. Vooral fumonisinen kwamen veel voor, met een besmettingsgraad van 69 procent. Daarnaast werden DON en ZEN regelmatig aangetroffen. Opvallend is dat meerdere toxinen vaak tegelijk aanwezig zijn, wat het gezondheidsrisico voor dieren vergroot.
Brazilië, een van ’s werelds grootste maïsproducenten en exporteurs, laat een hoog aandeel fumonisinen zien. Ook Argentinië scoort hoog, terwijl in Colombia en Peru zeer hoge concentraties fumonisinen zijn gemeten. Volgens de onderzoekers spelen tropische omstandigheden en problemen bij opslag en logistiek daarbij een belangrijke rol.
Hoewel de aanwezigheid van aflatoxinen de afgelopen jaren is afgenomen, blijft ook deze besmetting in delen van Latijns-Amerika een aandachtspunt.

Europa ziet risico’s toenemen

Europa kent over het algemeen lagere concentraties mycotoxinen, maar de verspreiding ervan blijft groot. DON werd in 88 procent van de onderzochte monsters gevonden, gevolgd door ZEN met 79 procent.
In Frankrijk hangt de hoge aanwezigheid van DON samen met vochtige omstandigheden tijdens de bloei van maïs. Spanje ziet juist een verschuiving door klimaatverandering: naast het traditionele risico op aflatoxinen neemt ook de druk van fusariumtoxinen toe, vooral in geïrrigeerde teeltsystemen.
Volgens de analyse verschuift het probleem in Europa steeds meer van acute besmettingen naar langdurige blootstelling aan lage concentraties via veevoer.

Meer focus op preventie

De onderzoekers benadrukken dat mycotoxinen inmiddels een vast onderdeel zijn geworden van moderne voedselsystemen. Door de grote exportstromen vanuit Latijns-Amerika verspreidt het risico zich bovendien wereldwijd.
Voor producenten van veevoer ligt de uitdaging daarom niet alleen bij detectie, maar vooral bij het interpreteren van data en het nemen van preventieve maatregelen. Volgens Olmix is een proactieve aanpak noodzakelijk om de gevolgen voor diergezondheid, prestaties en voedselveiligheid te beperken.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mis geen enkel nieuws uit de diervoederindustrie